Spring naar inhoud

Primaire navigatie

Zoeken

Van klein begin naar groot succes

De familie Van der Linde bouwt in Krummhörn aan een moderne pootgoedteelt die steunt op vakmanschap, innovatie en sterke samenwerking. Met gezonde startmaterialen, geavanceerde techniek en een duidelijke visie groeit het bedrijf uit tot een betrouwbare partner in een keten die draait om kwaliteit en toekomstkracht.

Scroll

Het is een stille, ietwat grijze maandagochtend in het Duitse Krummhörn als Jelto van der Linde een rondleiding geeft over het akkerbouwbedrijf dat hij samen met zijn vader Harald runt. Het contrast tussen het stille weer en de levendigheid op het bedrijf kan bijna niet groter. In vrijwel elke schuur bruist het van de bedrijvigheid en met een totaal van 600 hectare aan grond en vijf vaste medewerkers in dienst is dat ook niet zo gek. Sinds 2018 is een deel van die hectares bestemd voor pootgoedteelt. Vandaag vertelt Jelto hoe het bedrijf, dat al generaties lang in de familie is, in de afgelopen jaren grote ontwikkelingen heeft doorgemaakt.

“We zijn echt een familiebedrijf,” begint Jelto. “Mijn overgrootvader begon hier, mijn vader Harald is de derde generatie en ik ben er ook volledig bij betrokken.” De akkers leveren onder andere tarwe, gerst en koolzaad, maar sinds 2018 is pootgoed een belangrijk onderdeel van de bedrijfsvoering. Waar ze zeven jaar geleden begonnen met 45 hectare, telt het pootgoedareaal in 2025 al 196 hectare. Op een deel daarvan telen  ze voor het Duitse Solana en zo’n 100 hectare is bestemd voor HZPC-rassen Colomba, La Vie, Innovator, Emanuelle, Sunita, Norman, Morris en Dali.

De stap naar pootgoed

De stap om pootgoed te gaan telen voelde als een logische. De kleigrond waarop geboerd wordt, zo direct aan de kust, is heel geschikt om pootgoed op te verbouwen. Tarwe levert daarnaast relatief weinig op, terwijl pootgoed veel meerwaarde biedt op eenzelfde aantal hectares.

De investering is fors geweest, want de familie doet alles zelf. Van poten en oogsten, tot bewaren. Er moesten daarom machines, kisten, mechanische koeling en sorteertechniek aangeschaft worden. In het begin werd er nog een schuur met bewaarfaciliteit gehuurd, maar in de afgelopen jaren werden er drie grote schuren op eigen erf gebouwd. Jelto vertelt: “Je moet het goed doen, of je moet het niet doen. In deze regio worden relatief weinig aardappelen geteeld. Niet iedereen durft zo’n stap te zetten, dus de ruimte om te groeien was er ook.”

Meer dan telen

De samenwerking met HZPC noemt Jelto heel belangrijk. “We beginnen met virusvrije miniknollen uit de kassen in Metslawier, onder vliesdoek. Zo blijven ze luisvrij en gezond. Elk jaar stemmen we samen af hoeveel hectare per ras wordt geteeld. HZPC verzorgt de verkoop en de communicatie loopt vlekkeloos. Voor ons is het fijn dat alles snel en betrouwbaar geregeld wordt.”

De teelt van pootgoed bestaat uit veel meer dan alleen planten en oogsten: innovatie, duurzaamheid en weerbaarheid zijn belangrijke thema’s. Zo liggen de miniknollen  onder vliesdoek, ligt er stro tussen ruggen om luizen af te weren en maakt de komst van selectiekarren het werk efficiënter.Twee Flikweert QualityGraders fotograferen iedere aardappel en verwijderen automatisch kluiten of aardappelen met lakschurft (rhizoctonia). “Vroeger stonden er vier mensen bij de sorteerband, nu is dat er nog één. Dat scheelt enorm veel arbeid.” Daarnaast zijn er zonnepanelen en wordt er gewerkt aan een batterijopslag voor zonne-energie. Ook participeren ze in een windmolenpark en is er een demo van een robottractor actief.

In een veranderende wereld is weerbaarheid belangrijk, vertelt Jelto. “We starten met gezond materiaal, zorgen voor goede drainage en een egale perceelligging. Zo blijft het land in de beste conditie.Grote machines maken ons minder afhankelijk van extern personeel. Voor aardappelen telt elke hectare; bij andere gewassen zoals koolzaad is de potentiële opbrengst minder hoog.”

​Succes zit in wat je doorgeeft

De rassen presteren bovengemiddeld goed, de kwaliteit is uitstekend en schurft komt nauwelijks voor. De toekomstplannen zijn ook duidelijk: het pootgoedareaal stabiliseren op 200 hectare en dit van de hoogst mogelijke kwaliteit telen.

Dankzij de combinatie van een familiebedrijf dat kennis doorgeeft, moderne techniek en een nauwe samenwerking met HZPC, is dit een bedrijf dat staat voor innovatie, veerkracht en kwaliteit. Dat opa van 75 jaar nog regelmatig op de trekker te vinden is of tijdens het rooien eten langsbrengt, laat zien dat succes hier niet alleen in de machines en techniek zit, maar vooral in de generaties die het werk met zorg en plezier voortzetten.